Gemeenteschrijver

foto van gemeenteschrijver

10 januari 2018

Gedurende het jaar vindt u in het Gemeentenieuws zeer korte verhalen van onze gemeenteschrijver A.L. Snijders. De zogenaamde zkv’s gaan over opmerkelijke gebeurtenissen in de gemeente Lochem. Tijdens de nieuwjaarsreceptie op 8 januari 2018 droeg A.L. Snijders geen zkv voor. Hij improviseerde het verhaal dat u hieronder kunt lezen.

Rijbewijs

Ik ben op een naar punt gekomen, namelijk dat ik tachtig jaar ben geworden. Op zich al iets gruwelijks. Maar het ergste is dat je een brief krijgt van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen met de vraag of je het nog wel kan. Je moet ook een formulier invullen. Dat heb ik naar waarheid gedaan. Toen zeiden ze dat mijn ogen maar eens goed onderzocht moesten worden. Want ik heb iets aan mijn ogen. Daar ben ik een paar keer aan geopereerd. Mijn oogarts maakte een verklaring op. "Dat kan wel vier maanden duren," zei hij. O, dacht ik, dan moet ik misschien vier maanden zonder auto en misschien geven ze het rijbewijs wel helemaal niet. Tot mijn verbijstering kreeg ik al na vier dagen het antwoord dat ik weer vijf jaar kon rijden. Helemaal fantastisch, want waar ik woon komt geen openbaar vervoer. Dat is opgeheven door Neeltje Smit-Kroes, toen zij nog ergens de baas over was. Neeltje Smit-Kroes is ook heel erg door de bocht gegaan. Die heeft er allemaal erg spijt van. Maar het punt is dat als ik geen rijbewijs meer heb, dat ik dan vijf kilometer van de dichtstbijzijnde halte van het openbaar vervoer ben. Ik kwam dus hier in het gemeentehuis voor de aanvraag, maar de deur ging niet open. Want ik was hier op vrijdagmiddag. Er kwam nog een meneer, die ook de regels van Lochem niet goed kende. Samen stonden we te drentelen. Die meneer zei toen: "Ja, elke kruidenier is dag en nacht open, maar de overheid laat verstek gaan." Dat vond ik wel een mooi voorbeeld van het echte gekanker dat zo over dit land hangt. Omdat ik zo'n goed humeur had - ik zou immers mijn rijbewijs verlengd krijgen - heb ik het opgenomen voor de overheid. Maar er gebeurde er nog iets. Ik ben op een maandagochtend hier teruggekomen met de brief van het CBR. Daar stond in - en dat intrigeert me nog steeds - 'U kunt naar het stadhuis gaan en vragen om uw rijbewijs en u hoeft deze brief niet te laten zien'. Dat vond ik zo goed. Dus ik stond bij de balie en zei tegen die mevrouw: "Ik heb hier een brief en die hoef ik niet aan u te laten zien." Die mevrouw zei toen heel ad rem "Ooo, dat is ook niet nodig." Toen dacht ik: dit is misschien wel een voorbeeld van samenwerking tussen de burger en de ambtenaren. Beide zijn wij natuurlijk, én burger én arbeider én wietverbouwer, dat zijn we allemaal. Dat is waarschijnlijk toch een iets andere insteek dan de burgemeester heeft. Die vraagt zelfs mensen voor de nieuwjaarsreceptiepraatje die bijna een uur te laat komen. En zo zou ik nog wel drie kwartier kunnen doorgaan. Maar het lijkt me dat ik nu mijn taak vervuld heb. Misschien word ik volgend jaar wel weer uitgenodigd.